Ik heb in mijn leven al veel revolutionairs meegemaakt. Zoals mijn ouders het autotijdperk in hun leven zagen inschuiven, zag ik paard en wagen uit míjn straatbeeld verdwijnen. Mamma vond de landing op de maan de aankondiging van allerlei rampspoed, ik vind het volslagen normaal dat dag en nacht een heel netwerk van satellieten om de aarde is gesponnen, waardoor ik Bosjesmannen in Botswana lachend een verhaal kan zien vertellen op mijn telefoon. Als wij in de zestiger jaren een bericht wilden doorsturen aan een broer in Kameroen, kwam de hele familie bij elkaar om, met een bandrecorder midden op tafel, één voor één een kerstboodschap in te spreken. Dat bandje bereikte na zeven weken Kameroen en, als ’t niet onderweg gejat werd, uiteindelijk mijn broer. Zijn antwoord deed er ook zeven weken over. Dankzij die satellieten kan ik ‘m nu vanaf een terrasje in Gulpen bellen en heb onmiddellijk een betere verbinding dan wanneer ik m’n zus in Heythuysen bel. Ik besef ’t niet elke dag, maar ik heb écht revolutionaire ontwikkelingen meegemaakt op talrijke gebieden. Computer en automatisering hebben hele nieuwe werelden en manieren van leven opengelegd die voorheen ondenkbaar waren. Als je dat revolutionaire proces elke dag meemaakt, valt ’t vaak niet eens op welke wonderen opeens mogelijk blijken, maar als mijn vader na vijftig jaar zou terugkeren op aarde, zou ie helemaal gek worden. Niet alleen van de jachtigheid en de drukte, maar ik zie ‘m bijvoorbeeld naast me zitten in de auto, en opeens vertelt een juffrouw vanachter het dashboard dat we bij de volgende kruising linksaf moeten. Hij zou zich lam schrikken, zich koortsachtig afvragen hoe dat mens de weg weet. Vervolgens zou ie neiging krijgen het dashboard af te breken om te achterhalen waar ’t mens zich verstopt had en tenslotte onder geen beding in de richting rijden die de vrouw gezegd had dat we moesten gaan ‘want dat zoek ik nog altijd zelf wel even uit’. Sprekende auto’s kende ie toen hoogstens uit science fiction films en draadloze communicatie vanuit de Tv-serie rond ruimteschip Enterprise. Kapitein Kirk praatte via zijn horloge met de bemanning. Tegenwoordig loopt een man langs de schappen van de Plus en vraagt via z’n horloge aan Ingrid thuis of ’t gerookte of naturel spekjes moeten zijn. En hij strijkt met datzelfde horloge langs een apparaatje bij de kassa en heeft betaald. Mijn vader zou gek worden van al die lui met mobiele telefoons, allemaal op beeldschermpjes starende, zwijgende mensen, honderden pauzerende jongeren, die elkaar niet zien, tenzij via hun telefoon. Nou Pap, je kunt postuum weer blij worden. Ze hebben op scholen die dingen verboden. De revolutie weer een beetje teruggedraaid. En helemaal blij zou je dan worden als blijkt dat al die jongeren die geen tien minuten zonder hun wonderapparaat zeiden en dachten te kunnen, nu opeens aangeven hoe fijn de ontdekking is, dat je ook met klasgenoten gewoon kunt praten, kunt spelen en lachen. Het toppunt van evolutie: het wordt weer een klein beetje als toen, Pap.
Meer berichten van Column
Nog voor november goed en wel gestart is, begint al jaren in heel Nederland een discussie over het feest van de Goedheiligman. Niet aangestuurd door de fabrikanten van pepern...
Het is natuurlijk niet nieuw; het verhaal van de melkboer die zijn melk aanlengde met water. Dat was in de tijd dat je gewoon bij Piet de melkboer aan de kar losse melk kocht. ...
Een gewone donderdagavond. Die we deze week opfleurden met een concertbezoek in Vaals. De mogelijkheid daartoe wordt regelmatig geboden door het CultuurFonds Wittem, dat al vel...
Meer berichten
Tijdens een feestelijke ceremonie heeft burgemeester Ramaekers op woensdag 26 november het Jongerenlintje van de gemeente Gulpen-Wittem uitgereikt aan twee uitzonderlijk betrok...
Schreeuwen, beledigen, intimideren, bedreigen? Limburg trekt een streep.
De BAGW groeit – en dat is hard nodig. Sinds maart 2025 zijn we uitgegroeid tot een sterke, kritische én opbouwende stem voor een open, eerlijke en toegankelijke lokale demo...