Jullie kennen Mark niet. Toch speelt die al jarenlang een grote rol in mijn leven. Met name in de lente. Mark is onze huismerel en juist in de lente heeft hij de hoofdrol in ons uitzicht op een tuinvol ontluikend nieuw leven. We verheugen ons elk jaar op zijn aandeel in dat nieuwe leven. Een winterlang zien we ‘m nauwelijks, maar, tegelijk met de sneeuwklokjes verschijnt steeds weer zijn gitzwarte silhouet op de schutting. Eerst komt ie alleen. Daarna pas is er ook de gevlekte vederdos van een vrouwtje. De laatste twee jaar was ’t kommer en kwel wat dat laatste betreft. Twee jaar geleden lag zijn vrouwtje opeens zomaar dood bij de uitgang van de tuin. Dat jaar was er een enorme sterfte onder de vrouwtjesmerels. En vorig jaar was ’t Mark kennelijk niet gelukt een nieuwe vlam aan de haak te slaan. Hij is toen wel vaker op bezoek geweest in zijn oude buurtje, maar dat was niet om te daten. Dit jaar was dat nadrukkelijk anders. Al heel vroeg kwam hij z’n nieuwe scharrel voorstellen en hij troonde haar al ver vóór de lente mee naar het oude nest dat hij ooit in de laurierboom had gebouwd, die mijn sjattepoemel tot een grote bol op stam had geknipt. Mark woonde dus in een tamelijk exclusieve bolwoning, waaruit al menig klein mereltje de wereld in gevlogen is. Vervelend is wel dat die laurierboom tegen de schutting aan staat en dat je, als beetje lenige buurtkat, over die schutting naar die laurierbol kunt. En Sjaak, onze buurtkat IS zo’n lenige. Die heeft dan ook altijd bijzondere belangstelling voor de verrichtingen van Mark en wij kijken door het raam vaak met angstige spanning toe bij ware thrillerafleveringen in de Lente. Tot nog toe is Sjaak er niet in geslaagd schade aan huis of kroost van Mark toe te brengen, het nest zit kennelijk toch moeilijk bereikbaar. Afijn, dit jaar was Mark dus uiterst vroeg in de tuin en had een vriendinnetje meegenomen voor een huisbezichtiging. Zij was er helemaal weg van geweest, want vrijwel onmiddellijk waren ze met z’n tweetjes aan ’t sjouwen gegaan met spul voor een grondige renovatie en inrichting, want zij had kennelijk nogal wat noten op haar zang. Theoretisch dan, want de zang was natuurlijk Marks afdeling. Een van de mooiste aspecten van de jaarlijkse periode dat Mark aan het nestwerk begint: hij zingt een fantastisch bouwvakkersrepertoire. En dit jaar floot hij, lang voordat paren of broeden op de kalender staat, de sterren van de hemel. Pas weken later trok hoog boven hen eerst een duivenpaar in een oud kraaiennest, maar verdween weer, later kraakte twee kraaien hun nest weer terug en nog later ontstond er een heuse burenruzie toen een Eksterpaar een felle burenruzie op touw zette om de boel over te nemen. Kennelijke krapte op de nestenmarkt. De Eksters hebben gewonnen. De rust is weergekeerd. Mark zingt de lente tegemoet. Terwijl Sjaak de buurtkat toekijkt. In de lente is het kijkfeest in de tuin.