Vorige week schreef ik over het maffe gegeven dat je gedurende je leven revolutionaire omwentelingen meemaakt, waar je je nauwelijks van bewust bent, maar die complete ommezwaaien in denken en doen waren. Ik gebruikte als voorbeeldje het verschuiven van de kerk van toonaangevend regisseur van denken en doen naar hoogstens meewarig geduld droevig restverschijnseltje in de kantlijn van ons bestaan. Er zijn in jouw leven intussen al veel méér overbekende instituten en/of denksystemen opgedoekt, uitgehold, verdwenen, waarvan je vroeger precies wist wat voor belangrijke rol ze voor jou speelden, instellingen, die er waren voor jouw geluk en welzijn. Er waren banken bijvoorbeeld, waarvan de juffrouw achter de balie wist wie je was. Die hielp jou, want jij was de klant, waar alles om draaide. Je wist natuurlijk wel dat dat kwam omdat jij haar salaris bracht, maar dat donderde niet. Zij mocht er iets aan over houden en haar baas ietsje veel meer, want jij werd er ook beter van. Iedereen werd er beter van. En de banken werden van filiaaltjes in elk gehucht, tot nóg grotere panden in een dorp verderop, tot een groot paleis in de regio, tot een grote glazen wolkenkrabber ergens langs een autobaan in Nederland. Niet dat ze je geld niet meer wilden, maar daar hadden ze die juffrouwen en gebouwen niet meer voor nodig. Dat stuurde jij zelf op via internet. Jij deed hun werk. Dat bespaarde uiteraard flink, maar dat geld kreeg jij niet op je rekening. Integendeel. Naarmate jij meer van hun werk overnam, kreeg je minder rente en moet jij hún betalen als je hen jouw geld geeft. De zoevende automatische deuren zijn vervangen door hier en daar een flappentap in een supermarkt en elke donderdag, jawel ELKE donderdag, een caravan van de Rabo op de markt in Gulpen, waarin iemand zit die je van je geld afhelpt. Service, omdat je het systeem nog niet snapt. En dat heet nog steeds allemaal ten dienste van jou te zijn. Zij zijn er voor jou. Terwijl ze er steeds minder voor jou zijn en jij steeds nadrukkelijker alleen voor hen en hun eigen bankrekening. In de supermarkt word je in sneltreinvaart in dezelfde fuik geduwd. Wat ooit begon als de man in het buurtwinkeltje, die je moeder kende en die desnoods ’t spul wel even langsbracht, is nu het enorme magazijn, waarin je zelf je bullen haalt, met aan het eind een kassa, die je zelf moet bedienen omdat de laatste kassajuffrouwen jou daar staan te instrueren hoe dat moet. En die juffrouwen, die dadelijk geen baan meer hebben, vertellen jou dat dat is omdat de klant dat zo graag wil. Dat scheelt wachtrijen, zeggen ze. En jij knikt maar wat en doet braaf hun werk. En zo af en toe zeg je er nog wat van, maar iedereen om je heen, schikt zich. Keer op keer. En wie niet schikt, gaat niet met z’n tijd mee. Is een ouwe zeurkous. Zoals ik. Een van de laatste maffen, die ’t maf vindt
Meer berichten van Column
Nog voor november goed en wel gestart is, begint al jaren in heel Nederland een discussie over het feest van de Goedheiligman. Niet aangestuurd door de fabrikanten van pepern...
Het is natuurlijk niet nieuw; het verhaal van de melkboer die zijn melk aanlengde met water. Dat was in de tijd dat je gewoon bij Piet de melkboer aan de kar losse melk kocht. ...
Een gewone donderdagavond. Die we deze week opfleurden met een concertbezoek in Vaals. De mogelijkheid daartoe wordt regelmatig geboden door het CultuurFonds Wittem, dat al vel...
Meer berichten
Tijdens een feestelijke ceremonie heeft burgemeester Ramaekers op woensdag 26 november het Jongerenlintje van de gemeente Gulpen-Wittem uitgereikt aan twee uitzonderlijk betrok...
Schreeuwen, beledigen, intimideren, bedreigen? Limburg trekt een streep.
De BAGW groeit – en dat is hard nodig. Sinds maart 2025 zijn we uitgegroeid tot een sterke, kritische én opbouwende stem voor een open, eerlijke en toegankelijke lokale demo...