Het is nog geen december en dan al een jaaroverzicht schrijven lijkt te vroeg. Maar als ze in september in de supermarkt al met pepernoten mogen strooien en in oktober het kerststalletje optuigen in het tuincentrum, ben ik eigenlijk laat met mijn jaaroverzicht. Hoe je ook erover denkt; ik ben er aan toe. Menigeen zal dat vreemd vinden: hoe kun je nou versneld willen beginnen aan het overzicht van wéér een coronajaar? Alweer een optelsom van chaos, onduidelijkheid, rampspoed, tegenspoed, blunders, drama’s, maatschappelijk ontsporen? Waarom wil je zo nodig de constante dreiging, het dreigend infarct in de zorg, toenemende tweedeling in de maatschappij, verharding van standpunten nóg eerder te berde brengen? En dan heb ik ’t nog niet eens gehad over de rampen die daarnaast of daaroverheen spoelden. Soms letterlijk, zoals bij de watersnoodramp, soms overdrachtelijk met het onder de voet lopen van Afghanistan. Dichter bij huis, de crisis op de woningmarkt. Waarom zou ik die ellende zo nodig nog eens vervroegd op een rijtje willen? Omdat 2021 voor mij geen ellende betekende? Forget it. 2021 Is voor MIJ het jaar waarin ik, tot op dit moment, zes dierbaren verloor. Twee zussen, twee zwagers, een schoonzus, een vriendin. Geen van allen coronaslachtoffer, dus ze spelen niet eens een rol in wat hierboven staat en waarschijnlijk straks de boventoon voert in de andere jaaroverzichten. Afgelopen vrijdag verloor ik de zesde van die dierbaren. Een vent, die praktisch zijn hele leven een hoofdrol vervulde in de schoonfamilie. Op jonge leeftijd de zorg overnam voor het grote gezin, waar hij deel van uit maakte, toen mijn schoonvader veel te vroeg stierf. Later werd ie deskundige vraagbaak en hulppost voor ieder die op eigen houtje niet uit de troebels van het leven kwam. Hij bleef de spil in de familie toen het ouderlijk huis als verzamelplek wegviel. Me dunkt een verlies. Toen vrijdag zijn adem op was, had ik een jaaroverzicht kunnen bedenken met een zes-dubbele gitzwarte rouwrand eromheen. Een nieuw dieptepunt in de constatering dat onze generatie ‘aan de beurt is’. En leven voor niks was. Die zes-dubbele rouwrand komt er niet. Juist die uittocht van dierbaren uit mijn leven heeft mij in 2021, méér dan in welk jaar ook, aan het denken gezet over al die relaties. Waarbij vaak geen grootse dingen, maar juist de kleine geluksmomenten kwamen boven borrelen. Dingen die je samen gedaan had, soms mislukten en soms waardevolle herinneringen opleverden. Het bracht geen tranen om wat stopte, maar vooral dankbaarheid voor wat het gebracht had en…. het besef dat het elk jaar opnieuw JOUW laatste jaar kan zijn. Ik betrapte me erop dat het me niet alleen verdriet bracht, maar juist een aandrang om het jaaroverzicht geen optelsom te maken van wat er allemaal fout ging. 2021 Wordt het jaar, waarin ik meer dan ooit de relativiteit van dingen en tijd onderstreepte en juist daarom een jaar om vanaf nu alles uit elke minuut te halen. En de rest van het jaar vergeet ik. Want dát was ronduit klote.
Françoise